Zwarte Piet: Moet dat nou?

Moet dat nou? Die vraag kreeg ik dertig jaar terug geregeld als ik weer eens de barricaden op ging voor homorechten. De vraag kwam echt niet alleen van hetero’s die dat opzichtige homogedoe allemaal schromelijk overdreven vonden. ook mede-homo’s konden er wat van. Heteronormatief gedrag, schaamte voor het eigen gedrag. De discussies verbreedden zich later tot transgenders. En nu zie je parallellen met de discussie over zwarte piet.

Homo’s die het liefst een zo onopvallend leven leidden, zodat de aandacht niet op hen gericht was en ze zo min mogelijk gedoe kregen. Ergens wel begrijpelijk. Je kan immers niemand verplichten tot activisme. En zo zijn het de vaak flamboyantere types, de meer uitgesprokenen, de radicaleren die het beeld bepalen van ‘de’ homo in de media. Kort door de bocht: zij die – al dan niet uit vrije keuze –  wel opvielen, haalden voor de saaie homopieten vaak de kastanjes uit het vuur. Dankzij de mensen die de nek uit durfden te steken zitten de huis- tuin- en keukennichten (en potten) nu gezellig mét hun gelijke rechten achter de geraniums. Graag gedaan en wij vergeven u de beschimpingen aan ons adres.

Twee jaar geleden aten mijn man en ik bij een bevriend, ruimdenkend, heterostel. Althans dat dachten we. Toen de dame zei:

Jullie kunnen nu toch gewoon hand-in-hand over straat?

…heb ik haar uit proberen te leggen hoe dat dan gaat. Ongewild weet je je plots het middelpunt van de belangstelling. Daarnaast ben je als vanzelf voortdurend aan het vooruitkijken, de omgeving scannend: is het wel veilig, kan het nog? En dat heet dan ‘gewoon’ hand-in-hand over straat. De schellen vielen van haar ogen. Ik vroeg haar of ze één seconde nadacht voordat ze haar man knuffelde in het openbaar? Nog geen nanoseconde. Dat doen hetero’s namelijk zonder er bij te denken. En dat is ondenkbaar voor ons soort menschen.

En dan zijn de mensen die van zichzelf buiten ‘de norm’ vallen nog veel minder te benijden: die hoeven zich alleen maar solo op straat te begeven om beschimpt te worden. Ik noem mensen die zich buiten de gebaande genderpaden begeven.

Daarover gesproken. Een jaar later met een drankje in de hand, het zelfde stel, een andere discussie: genderneutrale toiletten en aanspreekvormen. Mijnheer was daar bijzonder uitgesproken over:

Onzin! Voor zo’n klein deel van de bevolking moet wetgeving en alles worden aangepast?

De schellen vielen nu van mijn ogen. Er was geen argument waarmee ik hem kon overtuigen van de noodzaak rekening te houden met de gevoelens van een minderheid. Dat dit hem geen enkel recht zou afpakken. Niets hielp. Het was en bleef onzin. Ik drink geen alcohol maar bleef toch met een kater achter. Het is nooit uitgesproken en ik heb hen sindsdien niet meer gezien.

zwarte piet – of niet?

En dan zijn we aanbeland bij de zwartepietendiscussie. Alhoewel er van discussie al lang geen sprake meer is. Maar goed, ik wil hier toch een duit in het zakje doen. Zo stel ik mijn mening graag bij na het aanhoren of lezen van argumenten van de ‘andere’ kant. Dat gebeurde bijvoorbeeld door het boek ‘Oorlog als er vrede dreigt‘ van Anja Meulenbelt. En zo kreeg ik ook over zwarte piet andere inzichten. Niet door een boek, maar bij mij brak plots het licht door. Had ik dit niet zelf eerder ook meegemaakt?

Ja dus. Het zijn dezelfde argumenten die ik eens hoorde over homorechten die je nu hoort over het racisme dat ervaren wordt door de demonstranten tegen zwarte piet. Het geweld van dit weekeinde tegen die vreedzame demonstranten kwam uit dezelfde hoek als het geweld tegen demonstranten op de eerste Roze Zaterdagen. De vertwijfelde, angstige en boze blikken van witte volwassen mensen bij het aanzien van zwarte (en witte) demonstranten zijn dezelfde gezichten die ik dertig jaar geleden zag aan de kant van de weg toen ik voor mijn en onze rechten opkwam.

Uiteindelijk gaat het allemaal over macht, of het langzaam uit je vingers voelen glippen van die macht die eens in handen was van witte heteromannen alleen. En nu durven minderheden hun mond zelfs open te doen over iets dat zij als kwetsend ervaren. Ik hoorde een witte dame zeggen dat ze in haar jeugd nooit problemen had met de figuur van zwarte piet. En dus was er geen probleem. Tja…

Privilege is niks anders dan ontkennen dat er een probleem is omdat het voor jou persoonlijk geen probleem vormt. (Bron: NRC)

Ik zie op sociale media de ene na de andere ‘waarheid’ voorbij komen. Geschiedvervalsing is aan de orde van de dag. Men winkelt naar believen in de geschiedenis en vist een feit naar boven dat het best bij de eigen voorkeur past. Interessant is wat Historiek over de geschiedenis van de zwarte piet-kritiek schreef. Maar de discussie gaat eigenlijk niet over feiten, over star vasthouden aan een traditie. Tradities veranderen immers voortdurend. Het gaat eerder om gevoelens en in hoeverre ben je bereid je te verplaatsen in de gevoelens en gevoeligheden van een ander?

Enfin, Dieuwertje Blok zei het mooi bij de Wereld Draait Door (en anderen zeiden het vòòr haar in andere bewoordingen:

…je moet soms eens even een stapje terug doen. Ik kan wel goeie bedoelingen hebben, maar als het je pijn doet, dan heb je niet zo veel aan mijn goeie bedoelingen, toch? 

Zoals hetero’s niet voor mij moeten bepalen wat goed genoeg is voor mij als homo, zo is het niet kies als witte mensen bepalen of de gevoelens van zwarte mensen er toe doen of niet. Het is al erg genoeg dat je als minderheid afhankelijk bent van de goedgunstigheid van de meerderheid om jou gelijke rechten te geven.

Ik ben nog geen homo tegengekomen die vast wil houden aan tijden van weleer. Toen we nog vervolgd werden, geen rechtsbescherming genoten of nog niet konden trouwen. De vooruitgang is blijkbaar enkel goed voor sommige mensen.

Hoe dan?

Dus: we doen met zijn alle een stapje terug, leven ons in in onze medemens, denken aan de kinderen die je alles kan wijsmaken en doen de schoorsteen weer eer aan. Want er is nog nooit iemand roomwit en met melkboerenhondenhaar een vieze schoorsteen afgedaald om er beneden als een egaal zwarte figuur met dito kroeshaar, knalrode lippenstift en gouden oorringen beneden de open haard uit te stappen.

En voor mijn medehomo’s die zo hartstochtelijk vasthouden aan deze piet heb ik nog De Gulden Regel: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook de ander niet. Of in hedendaags Nederlands: Behandel anderen zoals je door hen behandeld wilt worden.

1 reactie
  • Ton de Coster
    november 25, 2018

    Bravo! Goed gesproken, meid!

Schrijf hier je reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *