Ik zag Splinter Chabot met een stoere queer jongen bij Jinek over homo-acceptatie op scholen en moest denken aan de keer dat ik bij de decaan het woord ‘flikkers’ uitsprak.
Rolmodellen blijven altijd nodig en zoals Bart Chabot zei in de emotionele video toen hij over zijn zoon Splinter sprak: acceptatie gaat in golfbewegingen. Helaas heeft hij gelijk.
De queer jongen naast Splinter (voor wie hij dus een rolmodel is) vertelde over het gebeuk en gescheld op zijn school, en hoe hij dacht dat dat normaal was… totdat een juf hem apart nam en hij leerde dat het níet normaal was om zo behandeld te worden.
Flikkers!
Mijn gedachten gingen meteen terug naar mijn middelbare schooltijd, eind jaren ’70 in Heesch. Daar was een mavo gevestigd. Daarvoor al, op de lagere school – zoals dat toen nog heette – had ik slechts twee vrienden. Gedrieën behoorden we tot de laagsten uit de pikorde. Pikorde mag je letterlijk nemen, want als de crue gymleraar later op de mavo weer eens de beste haantjes als aanvoerders om en om een voetbalploeg liet samenstellen werden eerst de jongens, daarna de meisjes, en als laatste wij drie uitgepikt.
Enfin, als outcast startten we aan de mavo, alles begon weer van voor af aan. Eén verschil: ik was één van de besten van de klas (later leerde ik dat ik eigenlijk voor havo-vwo was getest) en één van de andere drie bleek bij de schoolmusical goed te kunnen zingen en was plots populair.
Met hem trok ik meestal op. En dat víel kennelijk op. Hoe bleu ik was bleek later wel. Want het gepest en gescheld werd er op de mavo niet minder op. Zo mocht ik in kleedruimte van de gymzaal geregeld stompen ontvangen en op de gangen werden we nageroepen.
Toen het echt te erg werd zijn we in een vlaag van verstandsverbijstering naar de decaan gestapt. Hij vroeg wat ze allemaal riepen. Ik herinner me niet alles meer, maar één woord staat me nog bij:
Flikkers!
Meteen kreeg ik een por in mijn zij van mijn vriend. Op de gang kreeg ik te horen dat ik dat niet had mogen zeggen. Ik was me van geen kwaad bewust, want ik had geen idee wat ze bedoelden met ‘flikkers’. Ik sprak het even neutraal uit als snickers, al wist ik wel wat snickers waren.
‘Homoseksualiteit’

In het laatste jaar van de mavo kregen we maatschappijleer, van de docent aardrijkskunde. Een popie-jopie-figuur, maar in wezen een nare man. Toen hij zittend op een bureautje tussen de leerlingen vroeg over welke onderwerpen we het wilden hebben, pakte hij een willekeurige jongen beet en suggereerde ‘homoseksualiteit’ als onderwerp.
Op dat moment wist ik wel wat dát betekende en dat homoseksualiteit hetgeen was waar ik mee worstelde. Ik kon wel door de grond zakken. Maar de klas vond het grappig. Hetzelfde jaar werd er een leerlingenenquête rondgedeeld over allerhande onderwerpen. Eén vraag was expliciet: ben je homoseksueel? Om me heen kijkend of niemand me doorhad, durfde ik toch niet ‘ja’ in te vullen.
Jaren later, het gebouw van het Jongeren Advies Centrum Oss, alwaar het latere COC een kamertje had liep ik mijn oude lerares Nederlands en geschiedenis van de mavo tegen het lijf. Ze woonde samen met de directeur van het J.A.C., ook een vrouw.
En weer een poos later, toen ik een bijeenkomst van Tom Poes, de homojongerengroep, had bijgewoond, hoorde ik plots een bekende stem galmen door de hoge gang van het voormalige schoolgebouw:
Meekomen!
Het was mijn oude mede-outcast-vriend van de mavo. Hij kwam zijn vriendje ophalen die op verlof van militaire dienst even bij kwam kletsen. Kennelijk wist hij indertijd al wel wat het woord ‘flikkers’ betekende.
Foto bovenaan: op bedevaart tijdens de Mariamaand van de radicale flikker-groep de Roze Driehoek in Eindhoven (ik herken in ieder geval Joop Keesmaat als kreupele huisvrouw, Mark Schalken, en mezelf als bisschop).
Tweede foto: met Willy Lourenssen achter een informatiekraam van de Werkgroep Homoseksualiteit Oss in De Pas in Heesch.



