Fiets en ander leed: klapband

Fiets en ander leed: klapband

Fiets & leed – Wellicht kwam ik gisteren wat cynisch over, maar wat wil je. De conferentie was niet alleen maar kommer en kwel, maar vandaag begon weer een valse start.

En daar kan ik kort over zijn. Nog niet koud twee straten weg van mijn appartement klapte mijn achterband. Het hele stuk naar het werk gelopen, drijfnat aangekomen en mijn fiets op hoop van zegen bij een fietsenmaker achtergelaten die geen woord begreep van wat ik zei, maar hopelijk gewoon doet wat een fietsenmaker hoort te doen.

Afijn, toen ik onderweg Tina belde om te zeggen dat ik later kwam (zij was de enige reden om naar kantoor te komen vandaag), begreep ik dat ze nog in het buitenland zat. Eenmaal op kantoor bleek ze er wel te zijn. Het misverstand was dat ze dacht te zien dat ík uit het buitenland belde.

Gelukkig heb ik uitgebreid met haar de situatie kunnen bespreken. Haar indruk is dat Die Cheffin ander werk wil en de oude directeur op haar plek wil torpederen. Bij gebrek aan beter. En op mijn vraag waarom hij plots bij één van de donoren weg is, zei ze – ook een beetje cynisch: “Ontslagen wegens genialiteit?”

Morgen probeer ik Esther te spreken mét Tina erbij om te bekijken wat de beste strategie is om nog wat voor elkaar te krijgen. Wat ik van Tina meekrijg is de wijze les dat ik in ieder geval nu weet hoe het in een ontwikkelingsland werkt. En het gaat in al die landen zo. Er zijn maar weinig NGO’s met bevlogen mensen waar goed werk wordt geleverd.

Op de vraag van Wim of ik nog geen grijze haren krijg van dit gedoe: jawel.

En de suggestie van Monique on een eigen NGO op te richten en daarmee zelf aan de slag te gaan werd door Tina positief ontvangen. Dat is wellicht de enige manier om wat te bereiken. Op zijn minst heb ik heel veel stof tot nadenken gekregen.

En dan nog kort over de bijeenkomst van gisteren. Na het volkslied, veel bladiebla, uiteraard veel eten en een uitermate ongeschikte tolk, zat er ook een Duitser in het forum die namens Duitsland samen met een Finse collega het Land Titling programma begeleidde. Een begin van een kadastraal systeem dat poogt om privépersonen grond toe te kennen waarop ze al decennia wonen en als hun eigendom beschouwen.

Uiteraard gaat er veel mis, zo wordt er door rijke partijbonzen grond weggekaapt waardoor arme burgers nadat het hele proces is afgerond te horen krijgen dat ze simpel weg te laat zijn en naar hun aanspraken kunnen fluiten, maar mister Franz begon met een inzicht dat je hier wel eens dreigt te vergeten.

Dat deze bijeenkomst in alle vrijheid plaatsvindt – wat er verder ook mis gaat – zegt ook wat over Cambodja. Deze bijeenkomst zou in Vietnam, Laos of Myanmar niet mogelijk zijn geweest. En toen die man van zijn Duitse overheid de opdracht kreeg om een kritischer toon aan te slaan jegens de Cambodjaanse overheid, stokte de samenwerking. Tot dan toe hadden ze hem altijd alle gegevens verstrekt, op basis van de vertrouwensband die er tussen hen was.

Kortom, er gaat veel fout hier, maar er gebeuren ook goede dingen en de kunst is die ook te zien en een modus te vinden zodat je wel wat kunt bereiken. Die nemen we mee. O, en ik zat naast een hoogblonde dame die me vroeg of ik uit Zweden kwam. Bleek ze Nederlandse te zijn. Ook nog he vermelden waard: George Cooper, een Amerikaanse advocaat die hier al lang woont en die we vorig jaar spraken, stond als adviseur vermeld in het onderzoeksrapport. Hij was helaas niet aanwezig.

Zelf heb ik nog 3 volle werkweken voordat ik met Cees vakantie ga vieren. Dit weekeinde wordt voor wat betreft Star Kampuchea helder of het nog wat uithaalt en of het zin heeft voor mij hier nog veel energie in te steken of niet. De directeur denkt tegen beter weten in nog steeds dat ik voor extra fondsen ga zorgen. Hoe vaak ik ook zeg dat ik dat niet doe als er niets verandert.

Ondertussen wacht ik op actie van die andere NGO-mijnheer over het noodfonds. Die moet wat overleg plegen voordat ik verder kan, en u begrijpt wel dat ik hem (nota bene de vragende partij) achter de vodden moet zitten. Ook voor hem geldt: ik heb nog drie weken.

Vanavond ben ik uitgenodigd voor een verjaardagsfeestje met Khmer. Ergens op een grasveld bij de rivier. Het is gelukkig niet allemaal kommer en kwel?

PS: die fiets wordt nog een dure grap. Nieuwe binnen- en buitenband dit keer.  En omdat ik na het werk wél de fiets klaar zag staan, maar er geen personeel was (siësta), kostte het naast de $7,- reparatiekosten ook nog eens $3,50 voor een ritje met de tuktuk naar huis en later weer terug met de motodop.

This Post Has 2 Comments

  1. Ik zou je graag iets bemoedigends willen schrijven, maar, om met Benny Neijman te zingen: «Ik weet niet hoe!». Geniet in elk geval straks van dat fuifje op het gras!

Geef een reactie