Bedelen – lessen voor een Westerling

Bedelen – lessen voor een Westerling

Bedelen doet een appèl op je geweten. Maar hoe doe je het als Westerling goed? Wel of geen geld geven. Of toch maar eten geven? Een lesje…

Bedelende kinderen: geen geld geven

Ik heb al eens eerder geschreven over het bedelen. Maar gisteren kreeg ik weer wat nieuwe inzichten van een Khmer die ik wil delen.

Allereerst: voor kinderen is de lijn helder: niets kopen en geen geld geven. Eten geven kan wel. Moeders met een versuft kind op de arm, in de regel ook niet. Je weet het nooit zeker, maar de kans dat er een organisatie achter zit en het kind gedrogeerd is, is reëel (hoe blijft zo’n kindje de hele dag rustig in die hitte?).

Maar dan gisteren. Bij de lunch in mijn vertrouwde café Soleil viel me al op dat er meer dan gebruikelijk mensen binnenkwamen. Een verzorgde vrouw met een pasje die geld kwam vragen voor kinderen (weeshuis vermoed ik, maar die industrie wil je ook niet in stand houden) en een kind dat de krant verkocht en een oude baas.

’s Avonds bij het eten op de hoek van de straat was andere koek. Daar zijn eigenlijk zelden bedelaars, althans niet op deze plek. En nu: een oude vrouw waarvoor ik bij haar tweede poging bezweek omdat ze aan tafel kwam bedelen terwijl ik zat te eten. En ook: waar hebben we het over qua bedragen?

Man, vrouw, kindje

Even later een jong gezin met een kind. Dat zie je zelden en ik wist meteen, dit komt door de demonstratie van de oppositie de dag erna (vandaag dus). Dat brengt horden arme mensen van het platteland naar de stad. Het is een patroon. Ik vroeg aan Sophea of hij wilde vragen of ze wat wilde eten. Hij moest wel drie keer aandringen want ze durfden niet aan een tafel plaats te nemen. Meenemen wilde ze het eten wel. Omdat het even duurde ontspon zich een discussie aan tafel. Sophea klonk wat bozig naar die mensen toe (ik vermoedde een soort misplaatst superioriteitsgevoel), en op mijn vraag of ik wat verkeerd deed, kwam hij vrij vertaald met het volgende:

Ik heb zelf als jonge jongen in de pagode moeten slapen en weet wat het is om van heel weinig geld rond te komen. Je hebt niets verkeerds gedaan door ze eten te geven. Maar met twee dollar waren ze verder gekomen. Nu hebben ze gegeten, maar met twee dollar kunnen ze meer goedkope maaltijden eten dan die je ze nu gegeven hebt.

Volgde nog een hele verhandeling over het feit dat die mensen zonder geld niet naar de stad moeten komen en iets moeten doen voor hun geld. Allemaal waar, maar hij leeft inmiddels ook in een andere werkelijkheid en gaf later ook wel toe een niet zo’n aardige toon te hebben aangeslagen.

Cambodia: Streetfood Phnom Penh

En daar kwam de volgende bedelaar al weer. En, nee, je kan niet de hele wereld redden. Maar ja, voor een beetje geld kan je ze wel aan eten helpen. Het blijft telkens lastig, je blijft je ongemakkelijk voelen en steeds weer probeer je de juiste afweging te maken. Dat betekent ook vaak ‘nee’ verkopen. Een kunst op zich, die inmiddels wel versta.

Soms zie je achteraf dat je het niet bij het rechte eind had. Zo zat het oude vrouwtje rustig een dik pak bankbiljetten te tellen om vervolgens met een paar briefjes in haar hand verder te bedelen. Het loont blijkbaar.

Na het eten liet Sophea me nog wat plekken zien waar hij vroeger zijn eten haalde. Hij reed langs de pagode waar hij met 10, soms wel 20 vreemden op één kamer sliep. Het kan verkeren.

This Post Has One Comment

  1. De bedelaar op de Jomtien-foto zat jarenlang op de hoek vóór Dongtanbeach. Met een bord “HIV positive”. Dit jaar zag ik hem daar niet meer. Gezien zijn conditie zou zijn verdwijning wel eens definitief kunnen zijn. Er is nog een wereld te winnen. Maar niet met bedelen.

Geef een reactie