GS te laat, te slap, te vaag


Toen ik vrijdag nog knarsentandend ziek thuis zat en niet bij de behandeling van ‘De Heus Ravenstein’ was in de commissie Economie,

Mobiliteit en Grote stedenbeleid (cie EMG) kon zijn, bleek dat mijn schriftelijke vragen hierover van 30 juli nog altijd niet waren beantwoord. Sinds gisteren staan ze op brabant.nl, zie hier.

Mijn verwachtingen waren hoog gespannen, er was immers ruim de tijd genomen voor de beantwoording. maar wat een slappe hap kreeg ik te lezen. Er werd om de brij heengedraaid en soms gewoonweg maar wat geschreven – zolang het maar niet in de buurt kwam van een werkelijk antwoord. Kijk, we hoeven het niet eens te worden (en het is wel duidelijk dat Gedeputeerde Staten niet echt bereid zijn hun nek uit te steken), maar schrijf dat dan gewoon op in je antwoorden.

En dus heb ik nog maar eens een poging gedaan om aan de antwoorden te komen. Iets minder vriendelijk verpakt, dat wel:

Geacht College,

Gisteren heeft uw college – tweeënalve week te laat – de antwoorden op mijn schriftelijke vragen ex artikel 3.2 RvO gepubliceerd. U hebt weliswaar ruim de tijd genomen, maar toch ben ik van mening dat de kwaliteit en duidelijkheid van uw antwoorden te wensen over laat. Hierbij een tweede poging met het dringende verzoek binnen de termijn in te gaan op de door mij gestelde vragen.

Ik verwijs voor de inleiding naar mijn schriftelijke vragen over De Heus van 30 juli jongstleden.

  1. Kunt u bevestigen dat de volledige productie van De Heus, locatie Kop van ’t Zand naar een nieuw te bouwen vestiging in ‘s-Hertogenbosch gaat en níet overgeheveld wordt naar de vestiging Ravenstein van het bedrijf?
  2. Acht u het wenselijk dat productiecapaciteit van de Bossche vestiging van De Heus overgeheveld wordt naar de Ravensteinse vestiging, ongeacht of dit past binnen de vigerende milieubeschikking? Zo ja, waarom?
  3. Bent u met de SP-fractie van mening dat voorkomen moet worden dat na verplaatsing van De Heus binnen ‘s-Hertogenbosch, inwoners van Engelen en ‘s‑Hertogenbosch West geuroverlast ervaren zoals de inwoners van ’t Zand en de binnenstad voorheen hadden?

De overheid kan, wanneer een situatie zich voordoet, het initiatief te nemen om een gewenste verandering tot stand te brengen of op zijn minst te stimuleren. Aangezien er geen NIMBY-gelden vrijgemaakt zijn voor De Heus Ravenstein en de gebiedsvisie voor Noordoost Brabant nog op zich laat wachten, ligt er nu een kans om de verplaatsing van de Bossche vestiging te koppelen aan verplaatsing van de Ravensteinse vestiging tot één nieuwvestiging. Zo is het velen malen duurder om twee keer een bedrijf te verplaatsen dan in één keer van twee bedrijfsvestigingen één grote vestiging te maken.

  1. Bent u met de SP-fractie van mening dat de Provincie ook zelf het initiatief kan nemen om bepaalde ontwikkelingen te stimuleren danwel af te remmen? Meer specifiek in dit geval: het bijeenbrengen van bedrijf en gemeenten Oss en ‘s‑Hertogenbosch, ook al komt de vraag slechts van één gemeente?
  2. Op welke termijn kunnen Provinciale Staten een integrale gebiedsvisie tegemoet zien voor de regio Noordoost Brabant?
  3. Bent u het met mijn fractie eens dat in een dergelijke visie geen plaats is voor een overlastgevend bedrijf op een overstromingsgevoelige locatie zoals De Heus in de Ravensteinse uiterwaard?

Geef een reactie