Vlissingen: zon, zee, wind & vegan avonturen

Vlissingen: zon, zee, wind & vegan avonturen

Naar Vlissingen om de kop leeg te laten waaien was de beste beslissing. De zon, de zee en de wind deden ons goed. En de vegan avonturen…

Vlissingen, niet alleen zee

Is het de Noordzee of de Westerschelde? In ieder geval zilte zeelucht, een kamer met uitzicht op de schepen die vlak langs de vloedlijn voorbij varen. Het was net wat mijn moeder en ik nodig hadden om rust in de kop te krijgen.

We zijn vaker in Vlissingen geweest dan ik me realiseerde. Met de hele familie, met ons pap en ons mam. En ik heb nu de plek gezien waar mijn vader is uitgestrooid. Op die plek vertrouwen we vanavond beiden een bloem toe aan het water. Veel hoeven we niet te zeggen.

Het lukt zelfs om te genieten van kleine dingen en verrassend genoeg is er in Vlissingen ook nog wat te eten voor de herbivoor. En dat levert weer stof tot schrijven op.

Message in a Bottle

Vegan, het blijft bijzonder

Het ontbijt

Een dag voor vertrek besloot ik het hotel maar te verwittigen van de komst van een planteneter. Ervaringen uit het verleden, nietwaar? Buiten twee maal dezelfde mail met oproep om mijn verblijf op te pimpen kwam er niks. Bij het inchecken dan nog maar een poging gedaan. Dát moest even overlegd worden. En en passant zei een receptie-collega:

Wat doe je dan met brood? Daar zit toch altijd melk in?

Nou, nee dus. Behalve bij melkbrood. En croissants natuurlijk. Na ruggespraak met de keukenbrigade zou er zorg voor worden gedragen dat ik bij het ontbijt wat te eten zou hebben. Het zou wel fijn zijn een ontbijt-tijd aan te geven. En zo zaten mijn moeder en ik om negen uur ’s ochtends in de ontbijtzaal. Ik besloot me te melden, en een joviale chef de cuisine wenkte me binnen.

Hij had pas ’s avonds om elf uur een mailtje gekregen en was in alle vroegte speciaal voor mij naar de supermarkt gegaan. Hij liet me een doos vol spul zien. “Hoe lang blijf je?” vroeg hij. Nou met twee keer ontbijten kreeg ik die doos niet leeggegeten zei ik lachend. Ik kreeg een liter haverdrank mee, een pak nepkaas waar je u tegen zegt. Hij had twee halve-literbekers plantaardige yoghurt ingeslagen en twee zakken biologische vegan broodjes. Dat laatste was niet nodig natuurlijk.

Nog meer misverstanden: toen ik vroeg of hij de nepkaas tussen de broodjes wilde doen en mee laten bakken zei hij:

Ik raak niks aan hoor!

Hij dacht dat ik allerlei allergieën had en dat hij wellicht voor ziekmakende kruisbestuivingen zou zorgen. Dat kon ik snel de wereld uit helpen. Hij was zo aardig, morgen ga ik hem wat simpele tips geven waarmee hij vegans snel gelukkig kan maken. Want veel is daarvoor niet nodig.

Een hapje tussendoor

Halverwege een strandwandeling wilden we wat drinken en eten. Ik besloot de Happy Cow te raadplegen. Er was best veel aanbod in Vlissingen. We besloten aan de boulevard wat te nuttigen. Ik vroeg naar een cappuccino met havermelk. En ondanks dat ze veel expliciete vegan gerechten op de kaart hadden was plantaardige melk niet bij hen opgekomen. Het werd een alcoholvrij biertje en een loaded fries (friet met wat spul erbovenop. Paddenstoelen in dit geval. Of preciezer: 1 champignon in dunne plakjes gesneden en veel – heel veel – gebakken ui. Op een portie niet verse friet. Jammer.

Het diner

Happy Cow raadde ook het café-restaurant van de grote cinema aan. Daar stond een veelbelovende vegan rendang met sajoerboontjes en gestoomde broodjes op het menu. Hier werd de Wet van Murphy eer aan gedaan. Moeder nam een voorgerecht bij wijze van hoofdgerecht. Wat brood erbij. Binnen een minuut stond haar carpaccio voor haar neus en kreeg ik een loeiheet broodje voor mij. Naar de rendang kon ik fluiten. Bij de eerste vraag waar mijn gerecht bleef heette het dat dit wat langer zou duren. De tweede keer: “Oh, u wilt het hoofdgerecht nu al”? En toen het eenmaal kwam, ontbrak bestek. En de boontjes.

Het stoom kwam uit de oren van de serveerster toen ik haar weer wenkte. “Alles gaat mis hè?”.

Het ene stoombroodje was heel hip van gekleurd deeg gemaakt. Helaas wel een mosgroene kleur die aan beschimmeld brood deed denken. Omdat het allemaal zo lang duurde werden de drankjes niet in rekening gebracht. Toen moeders me na afloop het bonnetje toonde omdat het zo veel leek, bleek dat de rendang €6,50 duurder was dan op de menukaart vermeld. Wederom moest ik terug en onder vele nederige excuses kregen we het geld terug.

Het was leuk geprobeerd.

Lest best: koffie bij Marcus

Uitzicht op het Bellamypark vanuit koffiehuis Marcus.

Ja die Happy Cow die weet wat. De volgende ochtend wilden we de stad in, want Vlissingen is meer dan de boulevard aan zee. Na de espresso met ijskoude havermelk was ik wel toe aan een lekker bakkie pleur. Aan het Bellamypark zit Marcus. Ik keek naar binnen en het leek bij eerste aanblik een donker hardrockcafé. Buiten zat personeel dus ik vroeg of ze havermelk hadden. Natuurlijk, en kokosmelk en amandelmelk. Dit zat wel snor.

Binnen bleek het een heel prettig interieur, het zonlicht had mijn zicht vertroebeld. Wat zoets erbij: en zelfs daar was keus te over: allemaal gebak uit eigen keuken. Wel drie soorten plantaardig gebak. Het plakje dadeltaart was heerlijk.

Eind goed al goed. Ben je in Vlissingen, ga naar Marcus!

Vegan nabrander

Aangezien we op uur en tijd in de ontbijtzaal moesten aanschuiven, opdat de chef mijn spulletjes kon klaarzetten, zaten we om half negen op de afgebladderde stoeltjes. Maar de chef zou binnen 10 minuten terug zijn. Aldus de keukenhulp die niets meer deed dan de voorraad vleeswaar en broodjes aanvullen. Na 10 minuten liep ik weer naar de keuken, maar geen chef. Na 20 minuten – moeder was al halverwege haar ontbijt – opnieuw. Nog geen chef. Na drie kwartier weer en toen vond ik een medewerkster die me vertelde dat E. (k weet zijn naam nu) voor een spoedgeval naar een naburige vesting moest. Hij zou zo terug zijn.

Na een uur, net op het moment dat ik op wilde staan om te vertrekken kwam chef E. eraan. Het duurde nog een kwartier, want hij kwam bekenden tegen en pas nadat mijn moeders priemende ogen hem doorboorden, zette hij het op een hollen naar de keuken. En nu zit ik in de trein met de overige broodjes en de bak nepkaas, want daar kon men toch niets mee. E. is ontzettend aardig, maar o, o, o, er valt nog een wereld te winnen.

Onderweg naar het station een koffiepauze genomen bij Marcus (zie hierboven). Deze tent kan niet voldoende worden geprezen. Met een flat white met havermelk had ik mijn cafeïne weer ruimschoots binnen om wakker te blijven tot Rotterdam.

This Post Has 2 Comments

  1. hoi Ron,
    hHeel herkenbaar door de vegetarisch en vegan etende kinderen en schoonkinders hier. balsem voor de ziel als iemand toch zijn best doet. Hier in Megen zitten twee restaurants steeds wel voor aangename verrassingen. ik kreeg een kookboek van Ottolenghi met bijbehorende kruiden en pastapotten. Best gift ever! Wat fijn dat jij en je moeder elkaar zo tot troost kunnen zijn.❤lieve groet Toos

  2. Mooi verslag wederom en prachtige foto’s ook.

    GUB

Geef een reactie