Artikel 1 geldt niet altijd

Gepubliceerd op 3 reacties 4 minuten leestijd 104 x bekeken


Wat doe je als je als kabinet niet meer uit de christelijk-sociaal democratische spagaat komt? Je vraagt de Raad van State om advies. Maar in dit geval adviseert de RvS tegen mensenrechten, met een schuin oog naar Brussel. Niet echt een helpend advies.

Lees dit (uit het Nederlands Dagblad):

Raad van State pleit voor afschaffing ‘enkele feit’-constructie

De Raad van State pleit voor afschaffing en vervanging van de zogenaamde ‘enkele feit’-constructie in de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). Dat schrijft het adviesorgaan in een nog vertrouwelijk advies aan het kabinet waar het Nederlands Dagblad de hand op heeft weten te leggen.

Juist het bijzonder onderwijs heeft op basis van Europese regels een grote vrijheid om ‘beroepsvereisten’ te stellen, schrijft de Raad van State in dat nog vertrouwelijk advies aan het kabinet. De eisen die scholen formuleren, mogen volgens het belangrijkste adviesorgaan van de regering niet leiden tot discriminatie. Daarom zijn specifieke eisen wat betreft gedragingen in of buiten de school uitsluitend toegestaan wanneer ‘deze voldoende kunnen worden herleid tot de godsdienst/levensbeschouwing die de grondslag van de instelling vormt’.

Door het gebruik van deze nieuwe formulering kan volgens de Raad van State de zogenaamde ‘enkele feit’-constructie vervallen. Nu is het nog zo dat iemand niet vanwege het ‘enkele feit’ van seksuele gerichtheid mag worden geweerd, waaronder ook een relatie of samenwonen worden begrepen. Er moet sprake zijn van ‘bijkomende omstandigheden’ als iemand wordt afgewezen of ontslagen.

In de vijftien jaar waarin de AWGB van kracht is, is echter – mede vanwege het zeer kleine aantal concrete zaken – nooit duidelijk geworden waar de grens tussen het ‘enkele feit’ en ‘bijkomende omstandigheden’ ligt. Wel leidt deze formulering telkens tot verwarring en verhitte politieke debatten. De nu lopende kwestie van de homoseksuele leraar in Emst toont dat aan.

Het kabinet heeft mede daarom afgelopen jaar de Raad van State advies gevraagd, om te bezien of de ‘enkele feit’-constructie kan worden geschrapt. Dat kan, zegt de Raad van State nu. Het adviesorgaan stelt voor deze constructie uit artikel 5 van de AWGB te vervangen.

Het anti-discriminatiebeginsel blijft voluit overeind, maar godsdienstige en levensbeschouwelijke instellingen mogen wat de Raad van State betreft onder strikte voorwaarden specifieke eisen stellen. Deze moeten ‘wezenlijk, legitiem en gerechtvaardigd’ zijn met het oog op ‘een houding van goede trouw en loyaliteit’ aan de godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag.

Christelijke scholen en instellingen hebben bovendien ‘een grote vrijheid’ bij het vaststellen van het doel dat scholen met de eisen willen bereiken. Doorslaggevend is dat de eigen regels consequent worden toegepast.

In het voorstel van de Raad van State voor een nieuw artikel 5 van de AWGB, krijgen scholen wat meer ruimte dan andere levensbeschouwelijke organisaties (bijvoorbeeld zorginstellingen).

De Raad van State haalt hiervoor Europese regels aan. In belangrijke EU-verdragen is de eerbiediging voor de inhoud en opzet van het onderwijs in de lidstaten geregeld. Uit deze verdragen leidt de Raad van State af dat EU-lidstaten – zoals Nederland – aan ‘confessionele onderwijsinstellingen’ ruimere vrijheden mogen geven dan aan andere levensbeschouwelijke organisaties. Dit verschil wordt gemaakt omdat juist in het onderwijs de overdracht van ‘identiteitsbepalende normen en waarden’ plaatsvindt.

Het advies van de Raad van State ligt op dit moment bij het kabinet. Het is nog niet bekend wanneer de regering met een reactie op het advies komt.

Deze reactie vond ik wel treffend:

De Roos (09-06-2009, 07:03) stelt dat het ‘volkomen logisch’ is dat onderwijsinstellingen ‘die eisen’ mogen stellen. Een goed voorbeeld van hoe mensen gemakkelijk op een verkeerd (dood) spoor terecht kunnen komen. Als het gaat om ‘die eisen’ lijkt het erop dat hier een volstrekt bespottelijke invulling wordt gegeven aan het begrip “beroepsvereisten”. Ik kanet de beste wil van de wereld niet inzien hoe de sexuele geaardheid, iets dat tot het strictste privedomein van een individu zou moeten horen, een beroepsvereiste zou kunnen zijn.

In het vervolg van zijn reactie stelt hij twee groepen symmetrisch gelijk aan elkaar. Deze redenering gaat uiteraard mank. Ten eerste zit er asymmetrie in de relatie zelf, immers, er is sprake van een werkgever enerzijds, die in die zin een maatschappelijke functie vervult, en anderzijds een individu die (kennelijk) niet negatief op zijn functioneren is aan te spreken, maar bekend heeft gemaakt dat hij een sexuele voorkeur heeft die niet strookt met de achterlijke opvattingen van zijn werkgever (in de context van de prestaties die van de betrokkene wordt verwacht). Artikel 1 van onze Grondwet is nu juist geformuleerd om individuele burgers te beschermen tegen flagrante willekeur die het gevolg kan zijn van het loslaten van het gelijkheidsbeginsel. Dit alles nog los van de eenvoudige vaststelling dat de ene partij (de werkgever) de beschikking heeft over PUBLIEKE middelen, en derhalve ook in datzelfde publieke domein ter verantwoording mag worden geroepen in relatie tot zijn maatschappelijk gedrag.

Zoals sommige sarcastische reacties terecht stellen: Artikel 1 van de Grondwet wordt nu feitelijk met het grof vuil meegegegeven.

Op gk.nl stonden in een mum van tijd tientallen reacties meest boze holebi’s, klik hier. Het wordt inderdaad tijd dat de vrujheid van onderwijs eens losgekoppeld wordt van de Grondwet. De Grondwet moet duidelijkheid bieden. Omdat seksuele minderheden in Artikel 1 van de Grondwet nu nog onder ‘en op welke grond dan ook’ vallen kan er mee gemarchandeerd worden.

Het kabinet is met dit advies geen stap dichterbij een oplossing, integendeel. Het christelijke smaldeel kan hier wel verheugd opveren, maar de rest van de volksvertegenwoordiging kijkt er toch anders tegenaan. En ik kan me niet voorstellen dat de PvdA haar principes aan god’s vertegenwoordigers in de Tweede Kamer verkoopt.

Tijd voor actie in Den Haag en in Brussel. Kunnen die roze verkiezingsbeloften meteen gestand gedaan worden.

Reageren?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

3 Commentaires
  • Sander Putmans
    11 juni 2009

    Artikel 1 van de Grondwet wordt in Nederland toch al niet zo strikt genomen volgens mij? Is de Koningin en de rest van de Koninklijke familie niet iets meer volgens onze wetten? Als ik haar zou beledigen kan mijn straf aanzienlijk hoger uitvallen dan wanneer ik iemand van buiten deze familie zou willen beledigen toch?

  • Ron van Zeeland
    11 juni 2009

    @ Sander: Volgens mij geldt dat alleen voor beledigen van het staatshoofd, en dat is niet helemaal toevallig de koningin. Maar er wordt maar zelden iemand bestraft – laat staan zwaar – voor dit delict.

    Daarnaast is het nogal wat anders of het om één persoon gaat (majesteitsschennis), of zoals in bovenstaand blog, over een hele bevolkingsgroep die van overheidswege een andere bescherming geniet dan anderen. Dát is nou het kwalijke van de zaak.

    Ben je homo, dan mag je als christelijk, islamitisch of joods schoolbestuur een homo ontslaan en een hetero niet. Dat heet discriminatie.

    Ik maak me minder druk over die ene mevrouw in Den Haag waar jij het over hebt.

  • Sander Putmans
    16 juni 2009

    @ Ron: Feit blijft dat artikel 1 door het artikel over Majesteitsschennis al wordt overtreden en elke overtreding lijkt me er 1 teveel. En dan praat ik nog niet over de andere ongelijkheden aangaande ons staatshoofd en haar familie.

    Ik ben het helemaal met je eens dat hetgeen je aanhaalt stukken kwalijker is. Inderdaad is dit pure discriminatie. Men zou ook eens moeten stoppen naar het anders behandelen van religieus getinte organisaties dan de organisaties die dit niet zijn. Omdat ik het 1 aanhaal wil dat natuurlijk niet zeggen dat ik het ander ook niet erg kwalijk vind.

    Ik maak me dus druk over die ene mevrouw (en haar familie) in Den Haag maar ook om het andere. Het 1 is massaler natuurlijk maar het ander is ook kwalijk en wordt nauwelijks aan de kaak gesteld. Maar ik ben ook overtuigd republikein (niet te verwarren met de mensen die zich zo noemem in de VS) en kan me daar ook kwaad over maken soms…