Gisteren was de aftrap van het vergaderseizoen van Provinciale Staten. Althans voor mij. Eerder kwam er al een commissie bijeen om alweer te praten over Essent (nog altijd niet voorbij) en vandaag beginnen de vak-commissies. Gisteren was de eerste commissie Beleidsevaluatie van het politieke seizoen.

Bovenstaande foto is van voor de vakantie. Gisteren hing de Noord-Brabantse vlag halfstok, omdat er een medewerker was overleden. 

Op de agenda twee zaken: de voortgang van het onderzoek naar de Jeugdzorg en een voorstel voor een vooronderzoek naar de Reconstructie.

De eerste is niet omstreden, maar ook geen herhaling van eerdere onderzoeken. Onze commissie concentreert zich op de toegevoegde waarde die we als provincie hebben. Dit onderzoek focust op het extra geld dat de provincie uittrekt om de effectiviteit van de Brabantse Jeugdzorg te bevorderen. Het feitelijke onderzoek wordt gedaan door bureau Partners + Pröpper. De commissie begeleidt het onderzoek.

Wij sturen zo tussentijds bij op zaken die wij belangrijk vinden, leggen accenten. Zo heb ik gisteren aangedrongen om niet alleen management en bestuurders te interviewen, maar ook de mensen die echt werken met jongeren. Om te veel gewenste antwoorden te vermijden.

En hoewel veel van het provinciaal beleid erop is gericht om instanties beter te laten samenwerken (voorwaardenscheppende sfeer) is het belangrijk om tóch te proberen de maatschappelijke effecten van het beleid boven water te krijgen. Daar doen we het uiteindelijk voor.

Reconstructie
Dat onderzoek ligt een stuk gevoeliger. Alhoewel de angel er wel een beetje uit is, heeft het geen zin om andere onderzoeken over te doen. Van belang was vooral welke onderzoeksvragen we moeten stellen. En dat is bij een zo relevant en ook niet onomstreden onderwerp ook echt belangrijk. De bevolking en ook de politiek is verdeeld over de gevolgen van de reconstructie, de gemoederen lopen soms hoog op.

Vandaar dat gisteren een voorstel gepresenteerd werd om een aantal interviews te houden met belanghebbenden en daaruit de juiste onderzoeksvragen te destilleren. Op het lijstje van de te interviewen mensen na, was er redelijke eensgezindheid bij de commissie.

Alleen de voorzitter (professor Ben Hoetjes) had bezwaren en zette zwaar aan.

Het zou teveel afwijken van wat we voor de vakantie hadden afgesproken én het vooronderzoek was te duur. Dat laatste wordt opgelost omdat flink gesnoeid wordt in het aantal interviews.

Het eerste argument van de voorzitter vond ik minder goed verklaarbaar. Ik probeer me zoveel mogelijk open te stellen voor nieuwe argumenten en ik vond het verhaal van één van de onafhankelijke commissieleden (Bram van de Klundert, die we niet voor niets om zijn deskundigheid hebben gevraagd) overtuigend. En de overige Statenleden in de commissie gelukkig ook.

En dus, een beetje ongemakkelijk, maar gaat ook het vooronderzoek naar de Reconstructie met een enkele aanpassing gewoon door. Al met al dus toch een vruchtbare vergadering.

Lees hier meer over de Reconstructie van het platteland.

Geef een reactie