Tag-archief Wallonië

Uitstapje naar Luik (2)

Gepubliceerd op 0 reacties2minuten leestijd151 x bekeken


Heeft het met het plotselinge mooie weer te maken? Ik weet het niet, maar de tweede dag Luik is begonnen met een stevige snotvalling (hoorde ik op de terugweg op de radio – klinkt leuker dan verkouden). We zijn naar het museum voor hedendaagse kunst geweest en hebben per automobiel de heuvel met de Citadel beklommen. Die honderden treden trok ik echt niet.

Het Musée Contemporain is gevestigd in zo’n typisch Belgisch paleis van begin twintigste eeuw of iets ouder. Maar dan vervallen. Maar dat is in Luik geen verrassing meer. Ik kan geen lovende recensie van het bezoek schrijven. Er was een tentoonstelling van Art Nouveaumeubelen. Wel aardig. Verder een kleine verzameling schilderijen uit de periode tot begin twintigste eeuw. Op één sculptuur na heb ik niets hedendaags gezien. Dan doen De Pont in Tilburg en het Van Abbe in Eindhoven het stukken beter. 

En wat ben ik blij dat we in Nederland welstandscommissies hebben die toezien op wat er gebouwd wordt. Mijn hemel wat een bende. Luik is echt een arme stad, het straalt er van alle kanten af. Je ziet het aan de mensen, aan de manier waarop straatmeubilair en wegen onderhouden wordt, maar ook de monumenten. Het is echt een cultuurschokje. Zo dicht bij huis. De Citadel is ook zo’n voorbeeld. Daar zouden ze in Den Bosch niet mee aan moeten komen.

De Citadel is een heel groot verdedigingswerk op de top van een heuvel boven de stad. Binnen de muren van de Citadel is een verschrikkelijk lelijk jaren-zeventig-ziekenhuis neergeplant. Maar het oude bouwwerk is zo vervallen, hele stukken muur zijn weggeslagen. En over groene daken gesproken: de muur wordt gewoon langzaamaan opgegeten door de natuur. Of ik moet iets over het hoofd gezien hebben.

Dit alles lezende, zou je kunnen denken dat je Luik maar beter links kunt laten liggen. Toch is dat niet helemaal zo. Maar je wordt een beetje verdrietig als je al dat aftandse ziet. En natuurlijk zijn er ook mooie plekjes. Zeker op zaterdagavond als de stad volstroomt met stappers, verandert de sfeer. Beetje Middeleeuws, ik weet niet hoe ik het anders moet omschrijven.

Echt jammer dat dat de stad niet lijkt te profiteren van de uitstraling van de Euregio met steden als Maastricht en Aken om de hoek.

Uitstapje naar Luik (1)

Gepubliceerd op 0 reacties1minuten leestijd192 x bekeken


Wij komen graag in België en meestal bezoeken we Brussel of Antwerpen. Gent deden we ook al een keer aan, maar nu besloten we eens iets anders te doen. We zijn naar Luik gereden. Voordeel: weinig Nederlandse toeristen, eigenlijk helemaal niet veel toeristen.

Ondertussen in België: staatsgreep!?

Gepubliceerd op 0 reacties6minuten leestijd166 x bekeken


Er is ondertussen wel een wettige regering, maar de crisis is nog lang niet bezworen. Sterker, de sfeer verhardt nog in politiek Brussel. De kersverse premier Yves Leterme wordt vermorzeld door de franstalige regeringspartijen en de kartelpartij NV-A van zijn eigen Christen-Democratische CD&V. En zijn eigen manier van doen helpt ook niet echt. Deze week ging het parlement op slot om een stemming over Brussel-Halle-Vilvoorde te voorkomen. Staatsgreep! Aldus de oppositie.

Zelfs voor mij is het allemaal niet echt meer te volgen. Voor zover ik op de hoogte ben heeft het Grondwettelijk Hof  vorig jaar besloten dat er geen verkiezingen voor het nationale parlement konden worden uitgeschreven voordat de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV) is gesplits. Dit is een heikel punt in België, waar men in Vlaanderen enkel op Volaamse partijen mag stemmen en in Wallonië op Waalse. Maar BHV laat zien dat de taalscheidslijnen niet altij even helder zijn. Brussel is de enige deelstaat die formeel tweetalig is, daar mag men dus stemmen op welke partij men wil. Maar inmiddels wonen er  steeds meer franstaligen in de Vlaamse rand rond Brussel (in de deelstaat Vlaanderen). Dat gaat ten koste van het Nederlands.

Bedenk dat wij hier Polen niet verplicht op inburgeringscursus kunnen sturen vanwege de EU. Maar Vlaanderen eist bijvoorbeeld wel dat franstaligen Nederlands leren spreken als ze in aanmerking willen komen voor een sociale woning. Maar goed een staatsgreep hield de gemoederen bezig. Lees onderstaand commentaar uit dagblad De Morgen:

Tussenstand: Laat maar komen, die staatsgreep!

Dat de plenaire zitting deze week werd afgelast, tot daar aan toe. Maar toen ook nog bleek dat ijverige bodes enkele sloten hadden veranderd om het VB de toegang tot het halfrond te beletten, zat Kamervoorzitter Herman Van Rompuy (CD&V) daar wel een beetje mee verveeld. Was dit nu een staatsgreep of niet? Nee. Helaas niet, in zekere zin.

Eerst nog even de feiten. Toen de Franstaligen vorige week, in een uit de hand gelopen communautair opbod – wie is de strafste francofoon? – besloten om de procedurele molen van het belangenconflict over B-H-V stop te zetten, zat premier Leterme in de patatten. Dat wilde hij niet gezegd hebben. Wel zei hij dat uitvoerende en wetgevende macht, regering en parlement, nu eenmaal gescheiden zijn. Wat hem niet belette om in het begin van de week bijna te gaan smeken bij de Kamervoorzitter om de plenaire vergadering van woensdag 30 april af te gelasten.

Leterme had ook de voorzitters van zijn kartel, Wouter Beke (CD&V) en Bart De Wever (N-VA), eens diep in de ogen kunnen kijken. Wellicht had Jean-Luc Dehaene het zo gedaan. Niet zo Leterme. Die kruipt achter zijn verdedigingsmuur, opgetrokken uit een hoop formalistische stenen met het goed bestuur als los-vaste mortel: de procedure en niets dan de procedure, het respect voor de scheiding van de machten, de partij de partij en de regering de regering.

Van Rompuy liet zich vermurwen. De deuren gingen dicht op woensdag 30 april. Geen agendering van B-H-V mogelijk en dus ook geen stemming. “Er is geen regeringscrisis”, zette de premier daags voordien de kers op de taart. Hij vertrok naar Aken, waar hij de uitreiking van de Karel de Groteprijs voor de Duitse bondskanselier Angela Merkel bijwoonde. Van Rompuy bleef in het land om de schuimbekkende oppositie (“Dit is een staatsgreep!”, “Absoluut dieptepunt!”, “Schande!”) te trotseren. En dus ook Stef Goris (LDD) – “Dit is Belgicistan!” – die met wat kopervijlsel in de hand bewees dat de meerderheid ‘we sluiten het parlement’ wel zeer letterlijk had opgevat.

Ach, och en wee. Was dit nu een staatsgreep? Nee, het parlement werd niet écht echt gesloten, de publieke zitting werd afgelast. Maar proper was het niet. Bovenal was het paniekvoetbal, onnodig en contraproductief. Ouderdomsdeken Herman De Croo (Open Vld) waarschuwde daar eerder deze week al voor. Maar paniek en misverstaan staatsbelang haalden de bovenhand.

“Het had anders gekund”, zegt De Croo. “Laat de plenaire zitting doorgaan. Laat bij zitten en opstaan stemmen over een agenda met uitsluitend vragen en de kous is af. Gerolf Annemans (VB) zou dan een showtje hebben opgevoerd van enige minuten, maar dat zou het geweest zijn. Door de zitting af te gelasten, zorgde men juist voor meer lawaai.”

En zoals dat dan ook gaat met de stemming van B-H-V zelf of het stopzetten van een belangenconflict: je krijgt het tegengestelde van wat je beoogt. Stem voor de splitsing en B-H-V is niet gesplitst, trek je belangenconflict in en er komt nog meer conflict. Sluit het parlement om de crisis te bezweren, en 48 uur lang wordt er stampij gemaakt over het einde van de democratie.

Is dat laatste overdreven, door de plenaire zitting af te gelasten, kreeg het controlerecht van het parlement de facto een knauw. Niet leuk voor de volksvertegenwoordigers die al tijdens de lange formatiecrisis steen en been kloegen over de eigen tandeloosheid. “Fel overdreven!”, noemt De Croo die immer terugkerende klaagzang. Het argument zou steek houden in landen als Frankrijk of de Verenigde Staten, waar de meerderheid in het parlement niet noodzakelijk dezelfde is als die van de regering. In een systeem van cohabitation zou wat Leterme en co deze week presteerden, een oorlogsverklaring zijn. Niet in België.

“Bij ons is de regering de uitzweting van het parlement”, zegt De Croo. “Anders dan in de VS of Frankrijk is er bij ons nooit een juxtapositie regering-parlement mogelijk. Het kan hier nooit een wij tegen zij zijn. Er is geen parlementaire meerderheid zonder regering en omgekeerd.”

Goed, maar dan werd woensdag hoe dan ook het controlerecht van het individuele parlementslid, a fortiori van de oppositie, toch gefnuikt? Ook niet helemaal waar. Ja, de plenaire zitting was afgelast, maar ondertussen werkten in het Paleis der Natie zo’n tiental parlementaire commissies in alle openheid verder. En parlementsleden mogen vanop hun zitjes in commissie of plenair n’importe quoi zeggen, ze genieten toch onschendbaarheid. “In acht jaar tijd heb ik op 10.000 parlementaire vragen eentje geweigerd”, zegt De Croo. Dat was er dan eentje over Delphine Boël, niet over zaken van staatsbelang.

“Verder kunnen parlementsleden alle middelen aanwenden om op hun strepen te staan over hun eigen bevoegdheden. Zo heb ik meerdere malen Guy Verhofstadt verplicht om naar de Kamer te komen. ‘Ik kom niet’, zei hij. ‘Gij komt wel’, zei ik. En hij kwam. Een parlementslid kan op zijn privileges staan. En ja, het parlement zou toch kunnen beslissen om een plenaire zitting te laten doorgaan als de regering dat afraadt.” Nee dus, de ‘sluiting’ van het parlement hoeft niet de annalen van de Belgische politieke geschiedenis in te gaan als een zwarte bladzijde. De minikoningskwestie in 1991, toen Boudewijn weigerde de abortuswet te tekenen, was andere koek. Maar de Prijs voor de Democratie moeten Leterme en Van Rompuy er ook niet voor verwachten. Het was gestoethaspel, geklungel van de bovenste plank.

Dat krijg je dus als het parlement maar zo stevig is als de regering. Het huis clos van afgelopen week toont méér de zwakte van de regering aan dan die van het parlement. De pointe van het verhaal is dat de crisis voortduurt. Dat er op geen enkel moment een poging is ondernomen om de conflictuele logica’s waarin Franstaligen en Vlamingen zitten op een hoger niveau te tillen, dat van de synthese, om zo de impasse te doorbreken.

Wat dat betreft, heeft de Senaat deze week een historische kans gemist om het eigen nut te bewijzen. Anders dan de Kamer bleef de Senaat woensdag namelijk wel open. Deze assemblee was ooit bedoeld om een reflectiekamer te zijn voor gewesten en gemeenschappen. Het zou de plek moeten zijn voor een helikopterperspectief. Op de agenda stond woensdag de behandeling van dat andere belangenconflict, over de inspectie van de Franstalige scholen in de Vlaams-Brusselse rand. Het werd netjes teruggestuurd naar commissie. En er werden vragen gesteld over onder meer obesitas, zeepiraterij en het hacken van computers door Chinese migranten.

Het was mooi geweest indien de Senaat in allerijl bijvoorbeeld een debat over de federale kieskring had geagendeerd. Of op enige andere manier op zijn minst had geprobeerd om de Wetstraat uit de aanslepende tunnelvisie te halen. Aan dat soort staatsgrepen heeft dit land een steeds nijpender gebrek.

Ondertussen in België (bijgewerkt)

Gepubliceerd op 0 reacties3minuten leestijd166 x bekeken


Is er nog steeds geen zicht op een nieuwe regering. Rollebollen politici aan beide zeiden van de taalgrens bekvechtend door elkaar. Zijn franstaligen in de Vlaamse rand rond Brussel bang om hun mond open te doen. Weet de koning het ook niet meer. Is het gebrek aan een regering economisch voelbaar. Maar gaat het leven wel gewoon door.

Voor de gemiddelde Nederlander is er geen touw aan de Belgische politiek vast te knopen. Ik heb jaren geleden veel in België vertoefd en ben gefascineerd door de Belgische politiek. In veel landen bestaan minderheidstalen. In België zijn de twee grootste taalgroepen in aantal vrijwel gelijk. Er zijn wel meer Vlamingen dan Walen, maar dat rechtvaardigt geen politiek overwicht. Sinds de federalisering is het land opgesplitst in vier landsdelen: Vlaanderen, Wallonië, Brussels hoofdstedelijk gewest en de Duitstalige Kantons (Wiedergutmachung na de Eerste Wereldoorlog). Er zijn natuurlijk nog taken die door de federale Belgische overheid geregeld moeten worden. In België geldt dat in principe een regering gevormd wordt die bestaat uit een coalitie van Vlaamse en Waalse partijen van dezelfde politieke kleur. Maar aan weesrzijden van de taalgrens zijn verschillende ontwikkelingen gaande waardoor zo’n regering lastig te vormen is.

Brussel

Voormalig premier van Vlaanderen Yves Leterme heeft met zijn christendemocratische CD&V een pact gesloten met één van de restanten van een voormalige Vlaams-nationalistische partij. Voor de verkiezingen zat hij op ramkoers wat menig Waalse partijleider rode vlekken in de nek opleverde. Aan de andere zijde heeft de leider van de franstalige christendemocraten weer de bijnaam ‘Madame Non’. Ze pleegt namelijk bij leke Vlaamse eis om meer bevoegdheden over te dragen aan de gewesten ‘Non!’ te roepen.

Dan is er nog het koningshuis, in Wallonië ondanks de grote Parti Socialiste, veel populairder dan in Vlaanderen. Niet vreemd als je de leden van het Koninklijk Huis Nederlands hoort spreken. Het draagt allemaal niet echt bij tot een warm België-gevoel, althans niet bij de Vlamingen. Nu zijn het de Walen die financiële solidariteit van Vlaanderen verlangen. Het is daar immers jarenlang economisch niet echt voor de wind gegaan. 


Jo Lemaire zingt het Belgisch volkslied (de Brabançonne) in drie talen ten overstaan van de koninklijke familie.

Veel Vlamingen weten nog goed dat in de eerste wereldoorlog Vlaamse soldaten sneuvelden omdat de orders inhet frans gegeven werden. In die tijd was Wallonië economisch welvarender dan Vlaanderen en was de franstalige elite dus ook machtiger. Nu de rollen al jaren zijn omgedraaid en zich een Vlaamse emancipatie heeft voltrokken klinken steeds vaker geluiden dat het blijvend subsidiëren van de Waalse tekorten maar eens moet ophouden. Tel daarbij op dat veel Vlamingen wel frans spreken, maar Walen die vlaams spreken veel lastiger te vinden zijn. De verfransing van Brussel en de randgemeenten zet nog altijd door, met alle Vlaamse frustraties vandien. Ik citeer hier als voorbeeld één van de reacties van een Vlaming op een artikel in De Morgen:

S.G. heeft gelijk. De vlamingen hebben ongelijk te eisen dat de wet wordt nageleefd. De taalwetgeving in de faciliteitengemeenten(gemeenteraad) mag geschonden worden. De uitspraak van het Grondwettelijk Hof inzake BHV moet niet nageleefd worden. Enkel aan de eisen van de franstaligen moet voldaan worden. Vlamingen die als patiënt in een Brussels ziekenhuis opgenomen worden worden geacht frans te spreken. Doodgaan omdat men U niet begrijpt; is dat nu zo erg?

BHV staat voor Brussel-Halle-Vilvoorde, een kiesdistrict waar veel franstaligen wonen, maar dat onder Vlaams gezag staat. Daar mag enkel op Vlaamse partijen gestemd worden heeft het Hooggerechtshof deze zomer bepaald. En vóór er nieuwe verkiezingen kunnen worden gehouden, zal deze uitspraak wettelijk vastgelegd dienen te worden.

Ik ben geen historicus, ik heb wat zaken neergezet die er mede toe geleid hebben dat de situatie is zoals die is. Ik weet dat het zó gecompliceerd is dat het lastig in een kort stukje samen te vatten  Wil je beter op de hoogte zijn en blijven, dan zijn onderstaande koppelingen wellicht interessant.

Op Wikipedia staat een uitgebreid artikel met een chronologisch overzicht van de taalstrijd in België.

En hier nogmaals de index over de formatie in België in De Morgen, progressief dagblad inVlaanderen.