Tag-archief landbouw

Ziek vlees

Gepubliceerd op 0 reacties1minuten leestijd170 x bekeken

De Voedsel en Waren Authoriteit (VWA) zegt onvoldoende te kunnen controleren of zieke dieren uiteindelijk toch op ons bord belanden. SP-kamerlid Krista van Velzen stelde hierover vandaag vragen aan minister Verburg. Er is volgens de VWA gewoonweg niet voldoende geld om te controleren.

Volgens de Volkskrant zijn zelfs de wettelijk vereiste jaarlijkse keuringen op toevoegingen in vlees in het gedrang gekomen. Hieronder een citaat. Klik erop voor het hele Volkskrant-artikel.

De Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) erkent dat ze over onvoldoende geld en mensen beschikt om haar wettelijke taken uit te voeren. Dat blijkt uit een brief van de VWA uit oktober 2007, die het TROS-consumenten-programma Radar via de Partij voor de Dieren in handen heeft gekregen.

Het wordt hier een lekkere bananenmonarchie op deze manier. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat wat ze eten, voldoende gecontroleerd is en dat met voedsel niet gesjoemeld wordt.

Brabant gaat bio

Gepubliceerd op 0 reacties4minuten leestijd146 x bekeken

Biologische groenten
Vandaag maakte de provincie Noord-Brabant door middel van een persbericht bekend dat de biologische landbouw in onze provincie behoorlijk in de lift zit. Hiermee volgen we de landelijke trend, waarover ik eerder al schreef. Hieronder het persbericht.

Provincie stimuleert omschakeling duurzame bedrijfsvoering

Biologische landbouw in de lift

 
De biologische landbouw in Brabant zit duidelijk in de lift. Tussen 2003 en 2006 groeide in de provincie het biologisch areaal met 65 procent (ofwel 2253 hectares). Hoewel het marktaandeel van biologische producten desondanks relatief beperkt is, is door de stijgende consumentenvraag naar deze producten zelfs sprake van schaarste. De grootste uitdaging voor de provincie is daarom om gangbare agrariërs te  motiveren om te schakelen naar duurzame bedrijfsvoering.

De aandacht voor biologische producten blijkt zijn vruchten af te werpen. De provincie Noord-Brabant is samen met haar partners en het landbouwbedrijfsleven bijzonder actief op dit terrein. De groei in consumentenvraag voor biologische producten is gestegen van 3 procent in 2005 naar 15 procent in de eerste helft van 2007. Er is nu zelfs sprake van een tekort aan dergelijke landbouwproducten.

De provincie wil inspelen op de veranderende marktomstandigheden, zo blijkt uit het Plan van Aanpak Biologische Landbouw 2008 – 2011, waarvoor jaarlijks 231.985 euro beschikbaar is.
Zo blijven markt- en ketenontwikkeling de basis van het programma, met daarin aandacht voor een integrale ketenaanpak waarbij het marktgericht stimuleren van omschakeling een rol speelt.

Ook wordt ingezet op versterking van de biologische landbouw in gebieden, waar landbouw en andere functies zoals natuur, landschap, recreatie en drinkwaterwinning sterk met elkaar verweven zijn. De biologische landbouw kan daar door haar prestaties mede bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen in deze gebieden.
De provincie wil verder de toepassing van biologische innovaties in de gangbare landbouw bevorderen. Verschillende duurzame biologische ontwikkelingen blijken heel interessant voor de reguliere landbouw.

Achtergrond
In de periode 2004 – 2007 zijn via de Stuurgroep Landbouw Innovatie  Noord-Brabant, een samenwerkingsverband tussen de Provincie en de ZLTO, meer dan 35 succesvolle projecten ondersteund. De meeste projecten waren gericht op het verbeteren van de samenwerking in de keten (tussen agrariërs, tussenhandel, verwerkers en winkels) en de marktontwikkeling voor biologische producten.

De biologische landbouw onderscheidt zich van de gangbare landbouw door de manier waarmee men omgaat met de natuurlijke omgeving. Daarvoor zijn een aantal principiële regels opgesteld voor de productie en verwerking. De meest bekende regels zijn géén gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen, diervriendelijkere huisvestingsnormen en géén gebruik van genetisch gemanipuleerde organismen.

Als het aan mij ligt, gaan we niet alleen de markt volgen, maar ook door middel van projecten meer stimuleren. Zo kun je bijvoorbeeld ook het voedselbewustzijn bij jongeren stimuleren door projecten op scholen te beginnen. Drie vliegen in één klap. Minder ongezond aanbod in de kantines (frisdrank en snacks worden natuurlijk van scholen geweerd); Betere voedselbewustzijn van kinderen; stimuleren biologische landbouw. Maar voor ietsje meer dan het volgen van de markt zijn de geesten bij met name het CDA en de VVD niet rijp.

Het persbericht sluit af met enkele aansprekende voorbeelden uit de Brabantse praktijk (2004 – 2007):

Merkontwikkeling Bio+
Dit project begon in 2005 als initiatief van VION/De Groene Weg (leverancier) en PLUS Supermarkten om gezamenlijk een paraplumerk voor biologische producten voor het supermarktkanaal te ontwikkelen om hiermee de herkenbaarheid van biologische producten in de supermarkt te versterken. Door het succes is het merk Bio+ nu een paraplumerk voor alle versgroepen (groenten, vlees, zuivel, eieren) en wordt het uitgebreid tot alle voedingsproducten. Dit project startte met provinciale steun met activiteiten in Brabant omdat de grootste productiebasis van biologisch varkensvlees in Brabant ligt. Inmiddels hebben zich meer partijen bij dit initiatief aangesloten zoals Emté, Sligro en Jumbo Supermarkten.
 
Herpositionering graanproducten – Brabants Landschap
Een Brabantse leverancier van biologische graanproducten (graanvlokken, muesli) is een samenwerkingsverband aangegaan met Brabants Landschap waarbij de granen die zij afnemen op het terrein van Brabants Landschap worden geteeld. Beide partijen hebben daar baat bij en communiceren dit naar hun achterban resp. klanten wat heeft geleid tot een verbeterde distributie en verhoogde afzet. Een positief neveneffect van de open houding van  het Brabants Landschap voor biologisch is dat dit als stimulans kan dienen voor andere terreinbeheerders.
Week van de Smaak Noord-Brabant

Dit is een meerjarig landelijk project met in het 1e jaar (september 2007) Brabant als speerpunt en pilot. Via de smaak is aandacht bij het publiek en afnemers gegenereerd met behulp van de media rond authentieke, streek en seizoensproducten met accent op biologisch. Dit evenement bleek een aantrekkelijke kapstok voor meer van 50 Brabantse initiatiefnemers op ruim 100 locaties (meeste van alle provincies). Onder de deelnemers waren restaurants met speciale menu’s, boerderijwinkels, natuurvoedingswinkels en supermarkten met proeverijen, 2 zorginstellingen, 5 middelbare scholen waarvan de kantine voor 3 dagen werd geadopteerd door een bekende kok en 12 basisscholen die les kregen van een boer. Dit alles heeft boven verwachting veel aandacht gekregen bij de landelijke en regionale media: TV, radio en kranten.

Biologische glastuinbouw West-Brabant
In dit project gaan 2 telersverenigingen (totaal 26 leden met ruim 80 ha glas) samenwerken om ervaring op te doen met 1,6 ha biologische teelt. Dit areaal wordt voor 2 jaar ingehuurd bij één van de leden. Daarmee willen de leden ervaring opdoen om zich te oriënteren op omschakeling naar biologisch en willen beide verenigingen anticiperen op de snel groeiende markt voor biologische producten, door hun assortiment met biologische kasgroenten te vergroten. Dit project bevordert tevens de kennisuitwisseling tussen beide bedrijfstakken.

Ik ga hier natuurlijk niet de zure piet uithangen als het goed gaat. Maar het is meer ondanks dan dankzij steun van de overheid dat het nu in één keer beter gaat. Ik ben in elk geval blij met de ontwikkeling.

EKO-doorbraak

Gepubliceerd op 1 reactie2minuten leestijd109 x bekeken

Kloek met kuikens.
Biologische producten zijn in. Restaurants komen nog maar moeilijk aan biologische ingrediënten omdat Nederland 60% van zijn ekoproducten exporteert. Ook schone kleding (van duurzame geteelde gewassen en zonder kinderarbeid) is in opmars. Mooie berichten deze week in de kranten, maar soms met een schaduwzijde.

Er is momenteel schaartse aan biologische producten omdat we het leeuwendeel van de binnenlandse biologische landbouwproductie exporteren. Een groot deel daarvan wordt gebruikt om in Duitsland bij de Aldi en de Lidl mee te stunten. En wij ons maar suf betalen hier… Maar goed, eindelijk hangt Nederland niet meer aan de achterste mem. Jarenlang werd je hier bijna voor gek versleten als je voor eko koos. En nog moet je soms horen dat je een ekofetisjist bent als je je boodschappen voornamelijk bij de natuurwinkel doet.

Moestuin

Ik weet ook wel dat dat niet voor iedereen is weggelegd, maar één ding wordt wel eens over het hoofd gezien. Doordat het aanbod daar anders en in elk geval niet zo ruim is als in een grote supermarkt, koop je veel bewuster. En daardoor geven wij minder geld uit aan allerlei overbodige spullen. Iedereen maakt zijn of haar eigen keuze wat dit betreft en ik ben de laatste die iedereen op wil leggen hoe er geleefd moet worden.

Hieronder wat koppelingen naar berichten in de Volkskrant van de afgelopen week. Omdat ik het artikel over schone kleren uit het Brabants Dagblad niet zo snel meer kan vinden, hier maar de verwijzing naar de webstek van Goede Waar & CO.

Oogst.

De foto’s zijn in 2004 en 2005 genomen in onze tuin bij ons vorige huis op het Vinkelse platteland. Boven een kloek met kuikens. Daaronder de moestuin en de laatste foto toont een deel van de oogst aan uien, sjalotten, knoflook en rode ui.

Deel

Bossche innovatie

Gepubliceerd op 1 reactie1minuten leestijd154 x bekeken

Mooi nieuws. De achterkleinzonen van Philips (waarvan er eentje nog de naam draagt) hebben een innovatieve superzuinige ledlamp ontwikkkeld die ook nog eens lang meegaat en minder vervuilende stoffen bevat dan de huidige spaarlampen. Vandaag werd bekend dat Bill Clinton deze lamp aanbeveelt in het kader van de Clinton Climate Initiative. Lees hier het persbericht van het bedrijf (in het Engels).

Eerder kon je in het Brabants Dagblad al lezen over de nieuwe toepassing van led-verlichting bij de verbouwing van groenten en fruit. Dat kan voortaan onder gecontroleerde omstandigheden, zonder daglicht. Hierdoor is het mogelijk om gestapeld te gaan verbouwen. 

Krijgen we straks discussie over komkommerflats? Ik hoop het niet, want deze vorm van landbouw kan veel ruimte besparen. Al die kassen nemen immers veel meer ruimte in beslag. En ruimte is schaars in Nederland. Lees hier ‘Sla groeit straks in potdichte ruimte’ in het Brabants Dagblad. Een interessante ontwikkeling. Ik hoop alleen één ding, dat de industriële manier van telen niet ten koste gaat van de smaak van de producten. En dat het naast de energie- en ruimtebesparing ook zonder kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen toepasbaar is.

Deel

Dierenwelzijn (2)

Gepubliceerd op 0 reacties5minuten leestijd150 x bekeken


Het onderwerp dierenwelzijn roept altijd veel discussie op. Op dit weblog stromen de reacties niet echt binnen, maar die reacties die ik krijg zijn vaak emotioneel geladen. Voor- en tegenstanders van vlees eten en van de manier waarop dieren gehouden worden, komen vaak met op het oog redelijke argumenten en vragen. En toch is het niet altijd eenvoudig om een antwoord te geven. Vandaag ga ik in op de reacties die ik gisteren ontving. Overigens geldt hier dat bij mij de identiteit van reageerders bekend moet zijn, anders worden geen reacties gepubliceerd.

Onderstaande reactie ontving ik gisteren, naast nog een uitgebreide reactie per e-post die ik wel zal toelichten, maar om privacy-gevoeligheid niet helemaal plaats. Ik heb de vragen ten behoeve van de beantwoording genummerd:

1) Als Biologisch vlees echt maar 40 cent per kilo scheelt met ‘gangbaar vlees’ waarom kan dan niet alleen maar biologisch vlees verkocht worden?
2) Waarom kunnen er niet meer bioboeren komen?
3) Als de noodzaak om uit te breiden bij de boeren ligt aan vastgeketend zitten aan bank en mengvoederleverancier en er dus om die reden veel te veel vlees geproduceerd wordt [van de uitdrukking wordt ik als overtuigd vegetarier al misselijk, alsof het om een pak koekjes of een blik doperwten gaat], waarom kan daaar van overheidswege niks aangedaan worden? Of gebeurt dat al?

@ 1)
Om te beginnen is het aanbod van biologisch vlees denk ik niet voldoende om aan de vraag naar vlees door de Nederlandse consumenten te voldoen. Als het waar is (maar dat gaan we nog onderzoeken) dat het werkelijke prijsverschil zo gering is, dan moet er iets aan gedaan worden om te voorkomen dat er extra winstmarge behaald wordt op biologisch vlees door anderen dan de boeren. Buiten de kosten voor verzorging van de dieren (duurder voedsel en minder dieren per m2) kan ik weinig bedenken waardoor biologisch vlees duurder zou moeten zijn. Dus dat betekent dat er extra geld in de zakken van tussenhandel of supermarkt verdwijnt.

Als we dan de kosten van maatregelen om het neutraliseren van uitstoot van amoniak en van gebruik van pesticiden en kunstmest in de intensieve veehouderij doorberekenen in de prijs van die producten, zou de prijsverhouding gangbaar – biologisch wel eens anders komen te liggen. Of de consument dan nog de keus voor gangbaar zou maken is de vraag. En ik vermoed dat het niet lang zal duren eer de marktwerking er voor zorgt dat gangbare boeren in dat geval omgeschakeld zijn. De (binnenlandse) vraag verdwijnt dan snel.

@ 2)
Ik denk dat veel boeren in hun hart graag overschakelen. Maar dat veel boeren niet bij machte zijn om zelfstandig die beslissing te nemen, weet ik nu ook. Kijk maar naar de afhankelijkheid van banken en leveranciers. Daarnaast moet eerst wat aan de vraagzijde gedaan worden. Geen afzet, betekent ook niet meer boeren die biologisch gaan werken.

En de export speelt ook een rol. Als alle boeren nu om zouden schakelen naar biologische landbouwmethoden dan vraag ik me af of we voldoende grond ter beschikking hebben. Dat zit zo (ik hoop dat ik hier geen fouten maak): Biologische landbouw is vaak grondgebonden. Dat betekent dat een bioboer met varkens zoveel varkens heeft als hij kan houden gezien de ruimte die hij/zij nodig heeft voor het weiden van zijn dieren, de stallen en de grond om voedsel te verbouwen.

Een gangbare varkensboer met bijvoorbeeld 2000 varkens kan die alleen maar houden in stallen en die heeft nooit voldoende land om al het voer te verbouwen. Vaak (lang niet altijd) komt het veevoer uit landen waar oerwoud plaats heeft gemaakt voor sojaplantages. Dat zijn dus geen grondgebonden bedrijven. Niet gebonden aan de grond waarop zij staan. Willen we zoveel vlees exporteren en op een intensieve manier houden, dan kunnen wij die dieren nooit voeden puur van onze eigen bodem. Daar zal altijd voer voor moeten worden geïmporteerd, met alle milieugevolgen van dien.

@ 3)
Uit de reacties die ik krijg dankzij dit weblog (en daar ben ik heel dankbaar voor), wordt het mij duidelik dat zaken niet altijd zo eenvoudig zijn als ze door anderen worden voorgesteld. Er zitten altijd meerdere, vaak schrijnende, kanten aan. Zozeer ik het eens ben met de afschuw over de term ‘produceren’, zozeer leef ik ook mee met boeren die geen kant meer uitkunnen, behalve uitbreiden. Dag in dag uit werken en vaak alle zeilen, lees kinderen, bij moeten zetten om te overleven. Aan alle wettelijke eisen voldoen, vaak nog meer (hoe graag ik ook nog betere omstandigheden voor dieren wil) en dan als klap op de vuurpijl door anderen met de vinger worden nagewezen. Ik begrijp hen als ze zeggen dat dat pijn doet.

Een voorbeeld uit de praktijk, een reactie die ik ontving. Ik heb het bewerkt om herkenbaarheid van de schrijver te vermijden, zo groot is de angst. Het is een lastig, technisch verhaal, waar veel leed achter schuilt:

Zoals u wellicht weet hebben wij gigantische investeringen moeten doen op gebied van dierenwelzijn. Bij het bedrijf van mijn ouders gaat het over een slordige € 500.000 in de afgelopen 5 jaar. De EU zag in dat dat nogal veel is om uit eigen zak te betalen. Vandaar dat er inkomenssteun is gekomen om ervoor te zorgen dat wij als boeren een onafhankelijke keuze kunnen maken over de toekomst van ons bedrijf. Om die steun te krijgen moeten wij aan veel voorwaarden voldoen (cross/compliance), kortom lusten en lasten. Ook was het de bedoeling om de steun te ontkoppelen van de productie zodat de markt niet zou groeien.

Door de succesvolle lobby van de megabedrijven heeft de overheid ervoor gekozen om de steun gekoppeld te houden aan de eigenaar, de megabedrijven dus. De boeren zijn dus verantwoordelijk voor de lasten en de megabedrijven strijken al  jaren de lusten op (€ 42.000.000 per jaar).

Die immense bedragen gaven de megabedrijven ruimte om de productie te verhogen, de boeren die de investeringen dus toch uit eigen zak hebben betaald, kregen geen euro meer per dier. De contractvergoedingen lagen in 1995 rond ƒ 365, nu (oktober 2007) is een doorsneecontract € 148. De megabedrijven verrekenen de subsidie met het voergeld waardoor zij feitelijk nog € 108 betalen (65% van de vergoeding in 1995, maffiapraktijken met hulp van de overheid). Als het niet uit de lengte komt moet het uit de breedte komen, dus de boeren gingen uitbreiden. 
 
De markt is dus zo groot geworden dat de megabedrijven nu een ruimere keuze hebben dan ooit en de boeren zijn dus afhankelijker dan ooit. De SP was de enige partij die 3 jaar geleden deze bijna criminele ontkoppeling heeft proberen te voorkomen.

Ik hoop dat dit een beetje aangeeft hoe klem sommige boeren zitten. Voor de duidelijkheid, de genoemde megabedrijven zijn niet de boeren, maar sluiten contracten af met boeren. Een schrale troost voor mij dat de SP in elk geval heeft geprobeerd hier iets aan te doen. Hogere belangen en machten spelen hierbij misschien een rol, ik weet het niet. Voor mij is het in elk geval duidelijk dat we moeten blijven strijden voor betere leefomstandigheden voor dieren, naast de mogelijkheid voor boeren om een fatsoenlijk inkomen te verdienen op een menswaardige manier. Ik zal de laatste zijn die de boeren eenzijdig bekritiseert, met de kennis die ik nu heb.

Ik denk dat inderdaad de overheid, de politiek dus, aan zet is.