Heup-necrose-nieuws

Gepubliceerd op 0 reacties 2 minuten leestijd 126 x bekeken

Ik heb het al een tijdje niet meer over de necrose aan de heup gehad. Er viel ook weinig te melden. Met de orthopeed was afgesproken: elk jaar een röntgenfoto maken en zonder verslechtering geen actie. Nu was ik in februari weer bij hem voor de jaarlijkse controle, en sinds ik na een behoorlijke belasting tijdens een weekje Berlijn van de pijn mezelf niet meer kon aankleden, liet ik het belasten van de heup wel uit mijn hoofd.

Met als gevolg minder pijn, en dat is fijn. Maar dat gesjouw met krukken is ook niet altijd prettig. Maar zoals met alles, het gaat om het vinden van de juiste balans.

Bij de laatste controle was er geen zichtbare verslechtering (lees: aantasting van de heupkop) zichtbaar op de röntgenfoto. Waarop ik zei: “Tot volgend jaar dan maar”. De orthopeed keek nog eens en verzuchtte: “Tja wat moeten we hier nu mee? Opereren of niet?”. Bij de eerste controle na de afspraak ‘niets doen, tenzij’ een vraag opwerpen die in tegenspraak was met de afspraak zorgt bij mij niet voor rust.

Voor mij reden om de medisch specialisten op dit terrein om een tweede oordeel te vragen: de Sint Maartenskliniek in Nijmegen. Snel na de vakantie kon ik al terecht.

Ondertussen in Azië…

Daar liep ik minder met krukken en had ik minder snel pijn na belasting. Maar ik kreeg er wel last van mijn kaakgewricht. Vreemd genoeg vergelijkbare klachten. Bj thuiskomst naar de huisarts en die vroeg zich ook af of er een link was met mijn heupklachten, met name de oorzaak ervan. Deze week eerst een röntgenfoto van de kaak laten maken.

Maartenskliniek Nijmegen

En vandaag zat ik dan bij de orthopeed in de Sint Maartenskliniek. Weer een variatie op eerder advies gekregen: doe vooral alle dingen die je normaal zou doen. Behalve parachutespringen. Opereren in elke vorm dan ook (ook het vervangen van dood botweefsel door botcement) brengt risico’s met zich mee, bijvoorbeeld op infecties of botbreuken. Dat werd me in dit stadium ontraden.

Maar er was wel wat anders. Er is een medicijn (fosavance) dat de botgroei bevordert en de afbraak van dood bot stimuleert. Dat zou het proces van afsterven van het bot kunnen stilzetten en in een enkel geval zelfs herstellen.

Dat is mooi, want daarmee zou een evetuele operatieve ingreep (welke dan ook) wellicht vooruitgeschoven kunnen worden. Er was één maar: het is best een heftig medicijn en één van de mogelijke bijwerkingen is slijtage van het kaakgewricht. Niet zo handig als er al wat loos is.

Dus: eerst uitzoeken wat er mis is met mijn kaakgewricht, als dat is opgelost ga ik een aantal maanden aan de fosavance waarna ik weer op controle mag. En zo heeft het bezoek aan Nijmegen vandaag toch nog nieuwe inzichten en mogelijk ook iets concreets opgeleverd. Maar eerst morgen de ‘kaakuitslag’ afwachten.

Reageren?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Er zijn nog geen reacties geplaatst.